Drie afdelingen, drie doelen
De drie afdelingen van IB hebben ieder een duidelijk doel.
Leerlingen van de Basisschool moeten worden opgeleid voor
de cito-toetsen, maar ook voor de brugklas.
Daarnaast moet hun een zicht op de wereld worden geboden,
zowel in ruimte als in tijd.
Leerlingen van de Onderbouw moeten kennismaken met
profielen en pakketten waarin hun aanleg kan opbloeien.
De verworven kennis en vaardigdheid dient als grondslag
voor de examentraining in de Bovenbouw.
Leerlingen van de Bovenbouw moeten worden voorbereid op
een examen VWO (klas 6), een examen HAVO (klas 5) of
een examen MAVO (klas 4). Daarna ligt de weg open naar
een universitaire studie of een beroepsopleiding.
Klik een afdeling aan in de balk bovenaan deze pagina voor
inlichtingen over de werkwijze in de betreffende afdeling.
Goed onderwijs begint bij goed uitleggen
De docent van IB legt de leerstof duidelijk en herhaaldelijk uit.
Als een leerling meer uitleg nodig heeft, wordt tijd vrijgemaakt
om delen van de les nog eens uit te leggen.
Goed uitleggen zonder overhoren is verspilde moeite
Behalve aan uitleggen, besteedt IB veel tijd aan overhoren
van de stof zodat zwakke plekken snel worden opgespoord.
Slagen voor een examen vereist zowel kennis als vaardigheid.
Die vaardigheid wordt opgebouwd door zo vaak mogelijk
schriftelijk of mondeling te overhoren.
Daardoor neemt zelfvertrouwen toe en mogelijke faalangst af.
Vrijblijvend overhoren is verloren tijd
Als na overhoring blijkt dat een leerling de stof niet beheerst,
worden acties ondernomen om te voorkomen dat die leerling
met een kennistekort naar het examen gaat.
De zwakke plekken die na een overhoring zijn aangetroffen,
worden daarom zo spoedig mogelijk versterkt.
Maar examensucces wordt niet alleen bereikt
door de inspanning van de docenten.
Ook de leerlingen hebben zich te houden aan
drie gouden regels: aanwezig zijn, op tijd zijn
en de les aandachtig volgen.



